Overslaan en naar de inhoud gaan

SCRIPTIE - Feminisme en Pacifisme tijdens Wereldoorlog I

Women’s Writing of World War I: Discourses of Feminism and Pacifism in Rose Macaulay’s Non-Combatants and Others and Vera Brittain’s Testament of Youth
Joyce Van Damme
Master in de Taal- en Letterkunde - UGent

Feminisme en Pacifisme tijdens Wereldoorlog I: Een Gemeenschap van Schrijfsters

Vandaag de dag, 100 jaar na de Groote Oorlog, zijn de stromingen van feminisme en pacifisme die toen opkwamen nog steeds relevant en noodzakelijk. Vrouwenrechten worden nog vaak bedreigd en oorlog lijkt in deze tijden van terreur niet altijd ver weg. Er valt dus nog te leren van de literatuur die geschreven werd tijdens de Eerste Wereldoorlog en het Interbellum, vooral de literatuur geschreven door vrouwen, aangezien die vaak meer en prominenter de – toen nog opkomende, en dus vrij onpopulaire of onaanvaarde – thema's van feminisme en pacifisme bevatte. De Master thesis “Women’s Writing of World War I: Discourses of Feminism and Pacifism in Rose Macaulay’s Non-Combatants and Others and Vera Brittain’s Testament of Youth” is geschreven over literaire werken van twee prominente schrijfsters tijdens en na WOI, die bovendien belangrijke voorstanders van feminisme en pacifisme waren en die onderwerpen in hun boeken verwerkten.

Twee boeken waren bijzonder interessant voor de scriptie vanwege hun verschillende genres en publicatietijden maar ultiem gelijkaardige standpunten. Beide boeken pleiten namelijk uiteindelijk voor feminisme en pacifisme, desondanks dat men dit op het eerste gezicht niet zou verwachten. Non-Combatants and Others is een roman gepubliceerd in 1916, terwijl de Groote Oorlog nog volop aan de gang was. In deze periode was pacifisme slechts een opkomend begrip, dat door het merendeel van de maatschappij verworpen werd. Dit kan men lezen in Non-Combatants, waar de meeste personages spottend praten over feminisme en pacifisme. Desondanks zijn de hoofdpersonages Alix en haar moeder feministisch ingesteld en, alhoewel dat Alix doorheen het boek zoekt naar een manier om met de oorlog om te kunnen gaan, heeft ze tegen het einde van het boek haar weg naar pacifisme gevonden en sluit ze zich aan bij de activistisch pacifistische organisatie van haar moeder.    

 In Testament of Youth zien we een gelijkaardige evolutie van het hoofdpersonage. De autobiografische memoir, gepubliceerd in 1933, vertelt het verhaal van schrijfster Vera Brittain en haar ervaringen als verpleegster tijdens de oorlog. Ze is feministisch ingesteld en zoals Alix ook op zoek naar haar plaats in de samenleving ten tijde van oorlog. Doorheen de oorlog en het Interbellum ondergaat ze een evolutie die haar ertoe leidt om pacifisme te steunen en zich activistisch in te zetten voor feministische en pacifistische doeleinden. Desondanks de verschillen in genre en tijd van publicatie tussen de twee boeken, hebben ze dus verrassend gelijkaardige wendingen genomen en leiden ze tot dezelfde conclusie; dat na een zoektocht naar hun plaats en rol in een tijd van oorlog, de feministische vrouwen allebei terechtkomen bij pacifisme, en er zich dan ook sterk voor inzetten. Dit zien we niet alleen bij Alix en Vera, maar ook bij de schrijfsters Macaulay en Brittain zelf. Biografische aspecten van hun levens en ervaringen tijdens de oorlog en het Interbellum, alsook hun feministisch en pacifistisch activisme worden besproken in de scriptie. Hieruit blijkt dat de schrijfsters gelijkaardige evoluties doormaakten als hun hoofdpersonages, en dat ze na wat zoeken en keren zich uiteindelijk ook aansloten bij pacifisme.

Een Gemeenschap van Schrijfsters           

De scriptie heeft ook getoond dat er tijdens de Groote Oorlog en het Interbellum een gemeenschap van schrijfsters ontstaan is, die feministisch en pacifistisch ingesteld waren en deze thema’s in hun literaire werken behandelden. Ze waren vaak ook activisten voor feminisme en pacifisme en waren ook actief op journalistiek vlak, zoals Macaulay en Brittain. Deze schrijfsters vormden ook een gemeenschap in dat ze onderling sterke banden hadden, elkaars schrijven steunden en elkander vooruithielpen, en dat ze soms ook zelfs samen reisden of woonden. 

Er kan dus geconcludeerd worden dat Rose Macaulay en Vera Brittain beide pleitten voor feminisme en pacifisme in hun respectievelijke Non-Combatants and Others en Testament of Youth, desondanks dat het toen nog opkomende stromingen waren die door het merendeel van de maatschappij slecht onthaald werden. Dit hield hen echter niet tegen om de thema’s te behandelen in hun literaire werken, of het nu een roman in 1916 of een autobiografische memoir in 1933 betrof, en om zich te betrekken in activisme en journalistiek – en zo een gemeenschap te vormen met andere schrijfsters. Er valt dus nog te leren van de literatuur van de Groote Oorlog, gezien dat feminisme en pacifisme ook 100 jaar later nog meer dan relevant zijn.